Naar een verdere verruiming van de Belgische euthanasiewet bij vergevorderde dementie?
In november 2025 adviseerde het Belgisch Raadgevend Comité voor Bio-ethiek een uitbreiding van euthanasie naar gevallen van vergevorderde dementie positief (Advies nr 89). Verwacht werd dat het advies de parlementaire debatten over dit netelige onderwerp aan zou wakkeren. Minister van Justitie Annelies Verlinden (CD&V) bevestigde 21 april 2026 op VRTnws inderdaad dat zij de euthanasiewet in die zin wil herzien, een voornemen dat al was opgenomen in het federale regeerakkoord.
In de weken voor het uitbrengen van dit advies, kreeg dit onderwerp veel aandacht in de Vlaamse media naar aanleiding van de euthanasie van Lode Deconinck en zijn eerdere deelname aan het kookprogramma "Restaurant Misverstand", waarin ook andere beginnend dementerenden mee aanschoven. Lode Deconinck's euthanasie enkele maanden later was voor het LevensEindeInformatieForum (LEIF), een Vlaamse vereniging vergelijkbaar met de Waalse Association pour le Droit de Mourir dans la dignité (ADMD), aanleiding voor een relance van haar petitie uit 2019 die de uitbreiding van de euthanasiewet nieuw leven in wilde blazen en op vandaag ruim 92.000 handtekeningen verzamelde.
Over de uitbreiding van euthanasie naar gevallen van vergevorderde dementie organiseerde de christendemocratische partij CD&V op 27 april 2026 een studiedag in het Vlaams Parlement, als ondersteuning van het wetsontwerp waaraan minister Verlinden momenteel werk. Naar eigen zeggen wil de partij vrij zijn van elke tijds- of andere druk. Volksvertegenwoordiger Els Van Hoof: “We mogen niet denken dat het leven met dementie per definitie onwaardig is", want: "waardigheid komt niet alleen tot uiting in zelfbeschikking, maar ook in de manier waarop we voor elkaar zorgen”.
In dezelfde zin ook het ‘christelijke kompas’ dat CD&V-voorzitter Sammy Mahdi zegt te hanteren als leidraad bij de herziening van de wet. Hij neemt daarbij geen blad voor de mond en omschrijft de huidige wet als "gebrekkige wetgeving die artsen in onzekerheid brengt en families geen duidelijke houvast biedt", een verwijzing naar de euthanasiegevallen in de vroege stadia van dementie ("te vroeg" volgens de voorstanders van de uitbreiding) omdat dementie in een vergevorderd stadium elke beslissing onmogelijk maakt.
De CD&V wil de gemoederen bedaren en benadrukt dat haar ontwerptekst:
- zich baseert op een zorgplanning waarin een blijvende dialoog centraal staat tussen de patiënt en de zorgverleners, de naasten en (desgevallend) de aangewezen vertrouwenspersoon met hun patiënt
- de euthanasie niet louter afhankelijk maakt van de voorafgaande euthanasieverklaring en bij de uitvoering ervan de voorwaarde van uitzichtloos en ondraaglijk lijden behouden blijft samen met een hernieuwde wilsuitdrukking, ook al is die in tegenspraak met de voorafgaande verklaring.
Ondanks de nadruk van de partij op die voorzorgsmaatregelen, zal de voorgestelde verruiming zonder twijfel maatschappelijke gevolgen hebben en nieuwe vragen oproepen. Er is de vraag of de geplande uitbreiding van euthanasie bij dementerende patiënten niet anders dan verwacht uit gaat pakken en hen niet eerder aan zal zetten tot vroegtijdige levensbeëindiging? En mogelijks ontstaat bijkomende druk, al dan niet impliciet, die de patiënt aanzetten tot het opstellen van een voorafgaande euthanasieverklaring of zelfs tot een onmiddellijk verzoek tot euthanasie? Zullen de nieuwe wetsbepalingen het onderzoek naar de werkelijke wil van de patiënt niet eerder bemoeilijken, zeker voor de arts die een euthanasievraag krijgt? Voor dat scenario waarschuwde advocaat Joris Van Cauter al op de bovenvermelde studiedag: “als je de deur op een kier zet, duwt een briesje haar volledig open”.
Statistisch gezien krijgt één op de vijf mensen vroeg of laat met dementie te maken, percentage dat de komende decennia nog zal stijgen. Daarnaast, kunnen we alleen maar vaststellen dat meer dan één derde van de patiënten met ernstige dementie geen palliatieve zorg krijgt tijdens de laatste drie maanden van hun leven. Ook stelt zich de vraag of deze patiënten niet prioritair recht hebben op palliatieve zorg die hun comfort kan verbeteren en kan bijdragen tot het herstel van hun waardigheidsgevoel, eerder dan een suggestie voor euthanasie?
Het parlementaire debat over euthanasie neemt zowel in Europa als in de rest van de wereld toe. Onder verwijzing naar de Belgische en de Canadese wetgeving, komen landen die zich tot voor kort nog tegen elke legalisering van deze praktijk verzetten, op het hellend vlak terecht als ze de deur voor opzettelijk veroorzaakte dood openzetten. Maar omgekeerd kan een verdere verruiming van de Belgische wet evenzeer andere landen afkeriger maken voor euthanasie.
Voor meer informatie over de ethische en juridische vraagstukken rond euthanasie voor dementerenden, zie het IEB-advies, op verzoek van de Commissie voor Volksgezondheid en Gelijke Kansen van de Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers.
Bronnen: De Standaard (DS), La Libre Belgique (LLB) (28/4/2026)