Logo IEB Europees Instituut
voor Bio-ethiek

Uw referentiecentrum voor bio-ethische actualiteit en vraagstukken

Begin van het leven Abortus Abortus Nieuws

België – Voorstel tot liberalisering van abortus: 12, 14 of 18 weken, een wetenschappelijke kwestie of een ethische keuze?

België – Voorstel tot liberalisering van abortus: 12, 14 of 18 weken, een wetenschappelijke kwestie of een ethische keuze?

De Belgische minister van Justitie, Annelies Verlinden (CD&V), heeft begin juni aangekondigd dat er binnenkort een wetsontwerp zal worden ingediend dat de huidige abortuswetgeving ingrijpend wijzigt. De tekst voorziet onder meer in een verlenging van de wettelijke termijn voor vrijwillige zwangerschapsafbreking (IVG) van 12 naar 14 weken zwangerschap, de verplichte bedenktijd te verkorten van zes naar twee dagen en abortus toe te staan tot 18 weken wanneer de zwangerschap het gevolg is van verkrachting. Deze hervorming, die binnen de regeringscoalitie als een compromis werd gepresenteerd, heeft de scheidslijnen tussen de politieke partijen onmiddellijk weer doen oplaaien. 

Al enkele jaren pleiten bepaalde partijen en organisaties die voorstander zijn van een verdere liberalisering van abortus in België voor een verlenging van de wettelijke termijn tot 18 weken na de bevruchting (ofwel 20 weken na het uitblijven van de menstruatie, of 4,5 maanden zwangerschap). Zij baseren zich met name op het rapport van het interuniversitair comité van deskundigen (in opdracht van de vorige regering) dat in 2023 aan het Parlement werd voorgelegd, waarin een dergelijke verlenging tot 18 weken werd aanbevolen om het aantal vrouwen te beperken dat gedwongen is naar het buitenland te gaan wanneer ze de momenteel in België toegestane termijn overschrijden. 

Het wetsvoorstel van minister Verlinden versoepelt weliswaar de voorwaarden voor het uitvoeren van abortus, maar wijkt niettemin af van deze aanbeveling. Door de algemene termijn vast te stellen op 14 weken lijkt de minister van mening te zijn dat vanaf een bepaald stadium van de prenatale ontwikkeling het belang van het ongeboren kind meer bescherming verdient. Dit idee is overigens niet vreemd aan de huidige Belgische wetgeving, die in bepaalde opzichten al impliciet berust op een geleidelijke bescherming van het menselijk leven vóór de geboorte. 

Gevoeligheid van de foetus en bescherming van het ongeboren kind 

Deze verwijzing naar de ontwikkeling van de foetus werd fel betwist door verschillende politici en deskundigen die voorstander zijn van een verlenging van de wettelijke termijn voor abortus. Het debat concentreerde zich met name rond de gevoelige kwestie van foetale pijn. In de Vlaamse pers gingen sommigen zelfs zo ver dat ze het standpunt van CD&V-voorzitter Sammy Mahdi vergeleken met een vorm van wetenschappelijk negationisme, waarbij ze hem beschuldigden van het baseren op onjuiste gegevens over de neurologische ontwikkeling van de foetus. 

In tegenstelling tot wat soms door beide partijen wordt beweerd, is er in de wetenschappelijke literatuur echter geen absolute consensus over deze kwestie. De meeste studies zijn van mening dat de neurologische structuren die nodig zijn voor een bewuste pijnervaring waarschijnlijk niet voldoende ontwikkeld zijn bij 18 weken zwangerschap. Andere onderzoekers stellen echter dat bepaalde vormen van waarneming of reactie op nociceptieve prikkels al eerder zouden kunnen bestaan – wat verklaart waarom de foetus vanaf een bepaald stadium vóór de abortus wordt verdoofd. Wetenschappelijke voorzichtigheid gebiedt ons dus een onderscheid te maken tussen wat vaststaat en wat nog ter discussie staat. Hoe dan ook, het zou neerkomen op het negeren van andere biologische en antropologische aspecten van de menselijke ontwikkeling als we de kwestie van de bescherming van de foetus zouden reduceren tot louter de problematiek van de pijn. 

Anatomische ontwikkeling en abortusmethoden 

Na 14 weken zwangerschap vertoont het ongeboren kind immers al een hoge mate van anatomische organisatie: zijn ledematen zijn gevormd, zijn vingers zijn afzonderlijk te onderscheiden, zijn gezicht is herkenbaar en hij maakt spontaan talrijke bewegingen. Na 18 weken gaat de ontwikkeling snel verder: de groei van het zenuwstelsel versnelt, de bewegingen worden gecoördineerder en de moeder kan ze soms beginnen waar te nemen.  

Hoewel deze observaties op zichzelf niet voldoende zijn om te bepalen wat de wet moet zijn, tonen ze wel aan dat het debat niet gaat over een simpele, ongedifferentieerde biologische realiteit. De mate van ontwikkeling van de foetus beïnvloedt bovendien de abortusmethode: na 14 weken evolueert deze naar een dilatatie-evacuatie (D&E), waarbij de foetus mogelijk in stukken moet worden gesneden. 

Wetenschap, ethiek en democratie 

Deze discussie sluit aan bij een andere vraag die door de kritiek op de regering aan de orde is gesteld: is het rapport van het comité van deskundigen werkelijk de uitdrukking van een wetenschappelijke consensus die de wetgever zou moeten volgen? Een dergelijke voorstelling lijkt overdreven. De wetenschap kan het debat zeker verhelderen door de prenatale ontwikkeling, de medische risico's of de sociale gevolgen van de verschillende wetgevingsopties te beschrijven. Zij kan echter niet op zichzelf de fundamentele normatieve vraag beantwoorden: vanaf welk stadium is een samenleving van mening dat een mens vóór de geboorte bijzondere rechtsbescherming verdient? Hoewel de wetenschap de discussie hierover kan voeden – met name over de realiteit van de ontwikkeling van de foetus –, is deze kwestie in een democratie in de eerste plaats – en uiteindelijk – een kwestie van ethische, filosofische en politieke keuzes. 

Afgezien van regeringscompromissen en partijpolitieke confrontaties herinnert de aangekondigde hervorming er dus aan dat het debat over abortus niet mag worden gereduceerd tot een tegenstelling tussen "wetenschap" en "ideologie". De meningsverschillen hebben in werkelijkheid betrekking op fundamentele antropologische vragen: welke waarde moet worden toegekend aan het menselijk leven vóór de geboorte? Welke criteria rechtvaardigen de bescherming ervan? En hoe kunnen we deze bescherming combineren met de begeleiding van vrouwen en koppels die geconfronteerd worden met een ongeplande zwangerschap, vooral in een context van kwetsbaarheid? Dit zijn allemaal vragen die een echt democratisch debat vereisen, dat zowel op wetenschap als op een uitgesproken ethische visie is gebaseerd. 

 

Meer informatie: 

De foetus zou al vanaf de 13e week van de zwangerschap pijn kunnen voelen 

DOSSIER - Uitbreiding van abortus tot na de derde maand van de zwangerschap: medische, psychologische en ethische uitdagingen 

Zwangerschapsafbreking in België: er blijven nog veel vragen na de hoorzitting van de interuniversitaire commissie

Foto: Julien Nizet 

Over Abortus Abortus

Begin van het leven In de kijker

Onze thema's

Blijf op de hoogte

Schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief!

Steun het IEB

Om zijn activiteiten te ontplooien, rekent het IEB uitsluitend op de enthousiaste steun van particuliere donateurs.

Elke gift van 40 € of meer ten voordele van het IEB is fiscaal aftrekbaar in België en laat u 30% van uw gift recupereren.